Blogs

Blog Post

Posted by Miranda Loonstra on 28 april 2016

Cito

Het is juni 1999, de school was net overgestapt naar de Cito eindtoets en de uitslagen komen binnen. De voorlopig adviezen waren al gegeven en de meeste adviezen kwamen overeen met de Citoscore.

De kinderen praatten druk over de school waar ze naar toe wilden. Binnenkort zou ik het definitieve advies geven en dan konden ze zich aanmelden bij de middelbare school. Een enorme mijlpaal in hun leven en daar mocht ik een bijdrage aan leveren.

Er was een gesprek waar ik me zorgen over maakte. Het meisje met het advies voor een basis beroeps gerichte leerweg. Haar vader wilde dat ze naar de HAVO ging. Maar verder …, geen problemen.

In de week van de aanmelding kwamen teleurgestelde ouders bij mij voor een gesprek. Hun kind werd niet toegelaten op de school. Mijn advies was theoretische leerweg, maar de cito zei: ‘kader beroeps’. Gelukkig kende ik de brugklascoördinator van de school en die vond het advies van de leerkracht leidend. Het was de oude directeur van mijn school, dus in een gesprek zou het zeker goed komen. Tot mijn verbazing zei hij, dat hij de jongen niet kon toelaten. De cito was duidelijk, hij had 1 punt tekort en de school kon hem dus niet toelaten, want zij boden deze leerweg niet aan.

Ik was met stomheid geslagen. Was dit dezelfde directeur die ooit de professionaliteit van de leerkracht hoog in het vaandel had staan, die ooit zei dat een toets slechts een momentopname was? Helaas zijn standpunt was onverbiddelijk en de jongen werd niet toegelaten.

Het is februari 2015. Mijn dochter krijgt haar definitieve advies. Na haar voorlopig advies was ze teleurgesteld. Ze wilde graag HAVO, maar ze kreeg een strak TL advies. Juf had goed naar haar gekeken en ziet onze dochter zoals wij haar ook zien, dus wij waren hartstikke tevreden. Met ons kind hadden we wel een paar gesprekken nodig om de teleurstelling weg te nemen, maar uiteindelijk was zij ook tevreden.

Fast forward naar het definitieve advies. Het advies bleef, ondanks een lagere score op de NIO, ongewijzigd. Na een high five ‘advies in the pocket’ en een grote glimlach liepen wij terug naar huis.

Het is april en ik zit met mijn dochter te kijken naar de documentaire Citostress. Vol ontsteltenis kijken we naar de documentaire en de rigide selectie op grond van cijfers. Ouders die willen dat hun kind minimaal HAVO krijgt, oefenen om de toets zo goed mogelijk te maken…

Opeens hoor ik een klein stemmetje naast mij vragen: ‘Mama, wilde jij voor mij ook een HAVO advies?’

Even de schrik om mijn hart, heb ik dat beeld uitgezonden, nee toch? Ik neem mijn grote puberdochter in mijn armen en antwoord: ‘Nee, liefje. Ik wilde niet zo hoog mogelijk. Ik wilde dat jij op een plek zou komen waar je gelukkig van wordt. Jij komt in je kracht wanneer je ervaart dat je iets kunt en het advies van school sluit daar hartstikke mooi bij aan.’

Ze antwoordt niet, maar houdt mij even stevig vast. Klaar voor haar volgende stap.

 

Posted by Miranda Loonstra on 24 maart 2016

Blijde verwachting

Er verschijnt een streepje op het venster en vervolgens het tweede streepje. Verbluft kijk ik naar het schermpje. Na een miskraam, griep en maar niet kunnen herstellen, zwanger. Ik kijk nogmaals naar het schermpje, het is werkelijk waar. Er breken spannende tijden aan. De eerste controle bij de verloskundige komt, vanwege mijn leeftijd, de onvermijdelijke vraag: “Willen jullie de combinatietest laten doen?’ We twijfelen, maar ergens is er een vaag gewoel dat we het wel moeten doen.

Na de test worden we door de verloskundige gebeld, of we even langs willen komen. Ons kindje heeft een kans van 1 op 5 dat het een kindje met Down is. Het nieuws komt binnen. De wereld staat even stil, terwijl mijn emoties overuren maken. Dit is niet een verhoogde kans, dit is een grote en reële kans. Dan naar het ziekenhuis voor de NIP-test. De test is nauwkeuriger en geeft aan hoe groot de kans is dat ons kindje Down heeft. De periode van wachten breekt aan, terwijl in mijn buik van alles gebeurt. Dan breekt de dag aan van de uitslag. Uit de test is gekomen dat het voor 99% zeker is dat we een kindje hebben met het syndroom van Down en er wordt aanbevolen om een vruchtwaterpunctie te doen. De afspraak wordt meteen gemaakt.

We lezen de informatie op het internet, zorgvuldig geselecteerd, meningen gescheiden van feiten. Want wanneer je zwanger bent van een kindje met Down, dan heeft de hele wereld daar een mening over. We besluiten een punctie te laten doen, laten we die ene procent er dan ook maar tegenaan plakken. Eenmaal in het ziekenhuis blijkt dat een punctie niet mogelijk is, we zullen een vlokkentest moeten laten doen. En terwijl we naar de balie lopen kijken we elkaar aan, zeggen niets en lopen vervolgens zonder afspraak het ziekenhuis weer uit. Dit is ons kind en we willen het risico niet lopen.

Op kerstavond wordt onze kleine vent geboren. Een prachtig mannetje dat het fantastisch doet.

Posted by Miranda Loonstra on 24 maart 2016

Verveling

Het is voorjaarsvakantie en de regen komt met bakken uit de lucht. Naar buiten gaan is geen optie, de bioscoop hebben we al gehad, evenals het zwembad en ook het museum voor beeld en geluid is al de revue gepasseerd. Even een dag niets, de dag starten met een kop koffie en tijd voor de krant, wat een heerlijk vooruitzicht!

‘Mam, mag ik op mijn laptop’ ‘Nee’ ‘Waarom niet?!’ ‘Omdat ik het onzin vind om een halve dag op je laptop te zitten.’ Ik hoor de ergernis in mijn stem. Dit hebben we al zo vaak gehad, ze weten de regels en dan toch nog een keer vragen. ‘Mag ik dan op mijn tablet, liedjes luisteren op Spotify?’ ‘Nee, ga maar iets bedenken waar je geen beeldscherm voor nodig hebt.’ We zuchten beiden. Hij weet dat ik onverbiddelijk ben en ik weet dat dit het begin van een moeizame dag wordt. ‘Ik weet niets om te doen?’ ‘Ga lekker lezen.’ ‘Hmm, nee geen zin in.’ ‘Darten dan?’ ‘Mwoa, nee’ ‘Bouw iets, je hebt bakken vol lego.’ ‘Nee’ ‘Oké, ik geef het op, dan ga je zelf maar wat bedenken.’ Ik probeer verder te lezen in de krant, maar het wereldnieuws wordt onderbroken. ‘Mam, ik verveel me, mag ik op mijn laptop?’ ‘Nee en nu is het ook klaar. Nog 1 keer die vraag en dan mag je de rest van de dag niet meer. Ik geef je drie mogelijkheden en die wijs je allemaal af, je gaat maar zelf iets bedenken!’ Basta, het geduld is op en het nieuws gaat nu sowieso niet meer binnenkomen. Ik schenk nog maar eens koffie in en hij? Hij zit te mokken op de bank. Na een half uur komt er beweging vanaf de bank. In de bak vol tekengerei zoekt hij een potlood en een puntenslijper. Hij pakt zijn puzzelboekje en gaat vervolgens op zijn knieën voor de bank zitten. Een half uur lang is hij bezig met woordzoekers, doolhoven en andere puzzels. Af en toe krijgt poes een aai over haar bol, maar verder opperste concentratie. Vervolgens komt hij bij me staan en vraagt uitleg over een puzzel. We kijken er samen naar en stukje bij beetje wordt mijn schoot in beslag genomen.

We genieten beiden, omdat we weten dat dit wel eens een hele fijne dag kon worden.

Posted by Miranda Loonstra on 24 maart 2016

Het prachtige recht van onderwijs

Het is begin van het schooljaar. De nieuwe juf van groep 7/8 staat in de deuropening. Blije uitgelaten gezichten, ze hebben er zin in en de juf…? Ik weet het niet zo goed. Ze lijkt nog niet zo op haar gemak tussen die grote kinderen. Het schooljaar is begonnen en steeds vaker hoor ik de naam van de juf vallen en dan vooral in negatieve zin. ‘De juf is stom, ze is vet streng, iedereen vindt haar stom, ze kan geen orde houden!’ Ik hoor de uitlatingen aan en ben even met stomheid geslagen. Uiteindelijk vraag ik hem: ‘En jij dan, wat is jouw aandeel om het voor iedereen aangenaam te maken in de klas? Jullie zijn een groep, groep 8 heeft de ‘Grande Finale’ dit jaar. Zou je er dan niet iets moois van willen maken?’ Hij kijkt me aan , onder zijn lange lokken vandaan onderzoekt hij mijn gezicht. Op zoek naar wat? Boosheid, irritatie, een grijns, of mededogen? ‘Ja maar, juf kan het gewoon niet aan!’ roept hij verontwaardigd. Rustig herhaal ik mijn vraag: ‘Wil je er een mooi jaar van maken en wat heb jij dan te brengen?’ Er kinkt gemompel, vervolgens staat hij op en vertrekt naar zijn kamer.

Ik ken de groep, een stelletje rouwdouwers waar menig leerkracht zijn handen vol aan had. En nu, een jonge leerkracht, nog duidelijk niet in haar kracht. Wat zou er in haar hoofd omgaan? Wanneer ik de kinderen naar school breng word ik aangesproken door een ouder van de MR. Hij vraagt me, of ik iets gemerkt heb van de onrust in groep 7/8. Er zijn ouders bij hem gekomen om, in het bijzijn van hun kind, te klagen over de leerkracht en wat ik er van vind. ‘Ik hoop dat de ouders die klagen hun eigen kind ook hebben aangesproken op hun gedrag.’ De ouder regeert nauwelijks op mijn antwoord en gaat door. Het schijnt dat er een Instagram account is gemaakt met als titel: ‘I hate juf’ Er worden de meest nare dingen over haar gespuid op de social media. ‘Stoom uit mijn oren, pesten via social media, is dat niet waar we onze kinderen voor willen behoeden? Ik ken mijn kind en ga die bij thuiskomst eens flink aan de tand voelen. Hij geeft het bestaan van het account direct toe en ja, hij zat er ook in en is er op een gegeven moment ook weer uitgestapt. Iedereen eigenlijk, het account is opgeheven. Ik check zijn telefoon nog even voor de zekerheid, maar zie inderdaad geen sporen meer van het account.

Ik besluit het gesprek nogmaals aan te gaan. ‘Luister, op dit moment gaat het niet lekker in de klas. Dat is voor jullie niet leuk en voor juf ook niet. Jij hebt aanzien in de klas, kinderen luisteren naar jou. Jij kan het verschil maken.’ Hij kijkt mij ongelovig aan. Ik zie de blik in zijn ogen. Iets is geraakt, maar dat gaat hij mij nu niet vertellen. En met een ‘Ik ga voetballen’ vertrekt hij. En terwijl hij naar buiten gaat probeer ik te bevatten wat er in ons land toch af en toe gaande is. Het prachtige RECHT op onderwijs.

Leerkrachten die helpen met bouwen aan de toekomst van onze kinderen… en er dan zo mee omgaan, zonde.

Posted by Miranda Loonstra on 24 maart 2016

Lars en de kapotte rits

De school gaat in, ouders en kinderen stromen langzaam de school binnen. Mijn grote dochter vindt haar eigen weg naar de klas. En mijn jongste zoon eigenlijk ook wel, maar in groep 3…, ach ik vind het zelf nog zo fijn. Jas en tas worden aan de kapstok gehangen en na een laatste kus in de gang verdwijnt hij de klas in. Zijn blik dwaalt af, juf zegt wat, maar hij lijkt het niet te horen. Mijn afwezige professor, alweer druk bezig met zijn observaties.

Wanneer ik weg wil gaan valt mijn oog op een jongen. Het gaat om Lars. Lars is een jongen waar je een beetje je best voor moet doen. Hij lijkt altijd boos, is wat onhandig in zijn sociale contacten, kijkt je niet aan, wordt zelden gevraagd voor een partijtje omdat hij zo druk is. Een thuissituatie die behoorlijk complex is. Daar zou ik zelf misschien ook wel boos, druk en opstandig van worden Lars zijn gezicht staat op onweer, ik hoor zijn frustratie. De rits van zijn jas wil niet meer open of dicht. Geen ouder die hem even helpt en een boosheid die explosief toeneemt. Met de kans om vreselijk afgesnauwd te worden, besluit ik het er toch op te wagen. ‘Jeetje man, wat is er aan de hand en kan ik je misschien helpen?’ Hij kijkt op, loopt naar me toe en zegt: ‘Ja, ik krijg mijn rits niet open, maar nu wil hij ook niet meer dicht.’ Alle boosheid en frustratie is uit zijn lijf en uit zijn gezicht. ‘Gatsie, dat is inderdaad lastig. Volgens mij zie ik het al, je rits is stuk, zie je?’ Hij ziet het. De rits blijft tegenwerken, wat ik ook doe. ‘Nou Lars dan moet je maar de hele dag je jas aanhouden.’ Hij kijkt recht in mijn ogen, ziet dat ik een grapje maak en beantwoordt dat met een grote glimlach. Vervolgens komt zijn moeder aanlopen en morrelt verder aan de rits die niet wil. Even sta ik te kijken naar het tafereel, om vervolgens naar huis te gaan. En terwijl ik de school uitloop denk ik nog even aan het voorval. Hoe een simpele vraag zo veel kan veranderen.

Lars de jongen voor wie je een beetje moeite moet doen, maar zeker de moeite waard is!